www.congo-1960.be

Network: | groep facebook congo-1960 |sponsors congo-1960 |Agenda
Getuigenissen bezoekers | Getuigenissen 25 erna | Teksten ingezonden voor de wedstrijd | Mijn verhaal | 1964 Stanleyville |Kolwezi 1978 | Oral History
Intro Cultuur | Organisatie reizen | Tentoonstellingen | Recepten | Filmen |
Wedstrijdreglement 2012 | Vorige deelnemers wedstrijden |
Intro Documenten | Thesis Jean Schramme
Intro boeken | Catalogus Black Label | Boeken na de colonie | Boeken geschreven door colon | Diverse boeken | Nieuwe boeken
Léopoldville | Kasai | Kivu | Ruanda Urundi | Katanga | Evenaar | Orientale | |
U heeft geschreven |
Nieuwsbrieven
Photos Foto's | Vidéos | Partagez votre album avec le blog de congo-1960 | Les photos sur le groupe fan de congo-1960 (facebook) |
| OTRACO
Diverse Berichten |
Stuur je getuigenis of foto's naar congo-1960.be en win een boek.

Maanden vol spanning
Start van de Ontwikkelingshulp in Leopoldstad / Kinshasa 30 juni-31 december 1960

Het vliegtuig, een van de eerste vluchten van een B.707 van de Sabena, was praktisch leeg. Op 13 mei 1960 riskeerden wij toch met een vijftal passagiers de overtocht naar Kongo, toen nog Belgisch Kongo tot 30 juni 1960. Het zou dezelfde dag nog bomvol naar België terugkeren met overwegend vrouwen en kinderen, die het onafhankelijk­heidsgebeuren met wantrouwen bekeken en gebruik maakten van de komende schoolvakantie om veilig te spelen. Ieder jaar werd op hetzelfde tijdstip veel gereisd richting België, maar nu was het bijzonder druk. Dat deze reis voor een groot deel van deze reizigers het einde betekende van hun verblijf in de tropen, lag natuurlijk buiten hun verwachtingen!

Ik keerde na mijn statutair verlof van zes maanden uitgerust naar Kongo terug voor een nieuwe dienstperiode van drie jaar in Leopoldstad. Tegen mijn gewoonte in liet ik mij bij het inschepen in Zaventem fotograferen aan de trap van het vliegtuig, want dat mocht dan nog, en ik liet het kiekje opsturen naar mijn vrouw. Mijn familie zou zich bij mij vervoegen na de onafhankelijkheidsfeesten van Kongo, als alles goed verliep. Dat kiekje zou een heel speciale betekenis krijgen en een bevoorrechte plaats hebben in onze fotoalbums. Al bij mijn aankomst op het vliegveld van Kinshasa‑Ndjili werd ik geconfronteerd met zeer zenuwachtige blanken, die maar niet konden begrijpen waarom ik nog naar dit land terugkeerde. Ze vroegen mij of het niet tot in België doorgedrongen was dat hier alles misliep en dat grote herrie op komst was. Toen ik enkele uren na mijn aankomst de B.707, die mij gebracht had, zag opstijgen en het noorden nemen, richting Brussel, was het mij zwaar te moede. Dat ging echter vlug voorbij. De zes maanden rust hadden mij gesterkt en ik dacht al aan de taak die mij wachtte, zonder mij goed te realiseren dat het land in werkelijkheid op zijn kop stond. Na een paar dagen hotel pakte ik mijn koffers uit en richtte mijn huis, weeral een ander, in zoals bij het begin van iedere termijn. Het zat er bij mij diep in mij in iedere nieuwe woonst neer te zetten alsof het ging om een verblijf van jaren, wat de toekomst ook brengen mocht. Sinds mijn eerste afreis naar de kolonie had ik al een twintigtal woningen betrokken. Zoals overigens al mijn collega's en lotgenoten kende ik de knepen om mij met beperkte middelen het onmisbare comfort te verschaffen. Op de landbouwdienst kreeg ik een nieuwe functie, maar van zich inwerken kwam weinig in huis. Er werd veel meer gepraat over wat de toekomst zou kunnen brengen dan aan landbouw gedacht. In tegen­stelling met de meeste van mijn collega's vond ik toch nog altijd ergens een optimistische noot en hoopte dat alles beter zou verlopen dan in de vele donkere voorspellingen.

1. Voor en na de onafhankelijkheidsfeesten
Toen Ganshof van der Meersch op het toneel verscheen als Belgisch minister van Kongolese zaken, dacht ik aan mijn al lang geleden brousse‑tijd, toen ik af en toe iets vernam over het naoorlogse gebeuren in België.
Zou deze man het Kongogebeuren in goede banen kunnen leiden, vroeg ik mij af.

Te velde was de administratie volledig stilgevallen en sinds Brussel in de onderhandelingen met de zwarten het voortouw genomen had, voelde het lokale bestuur zich volledig aan banden gelegd. Per toeval ontmoette ik in de gangen van het provinciaal administratief gebouw André Rijckmans, een bekende maar nu erg gedesillusioneerde territoriaal, die ik goed kende van mijn doortochten in Popokabaka. Op een "ils ne comprennent rien ici..." schudde hij mij de hand tot afscheid om zich op zijn post te voegen in het gewest Madimba. Daar zou een opgezweepte massa hem kort nadien, samen met een helikopterpiloot, ook een bekende van mij, in dramatische omstandigheden om het leven brengen.

Aan de onafhankelijkheid van Kongo op 30 juni 1960 gingen vooraf het uitvaardigen van de grondwet (la loi fondamentale), de verkiezing van de twee kamers, volksvertegenwoordiging en senaat, de moeizame vorming van de regering van het centraalgouvernement met Patrice Lumumba als eerste minister en de verkiezing van de president van de staat,Kasa Vubu. De zes provinciën, die de confederale staat uitmaakten, hadden ook hun eigen vertegenwoordiging verkozen en een regering gevormd met een minister‑president.

Zoals het grootste deel van de bevolking van Leopoldstad was ik die dagen veel op stap. Er viel op straat heel wat te beleven en niemand had zijn gedachten bij het werk. Overal hingen Belgische en Kongolese vlaggen, ongeveer gelijkmatig verdeeld. De Belgische driekleur was er tot dan toe een vaste waarde geweest en een symbool van Belgische aanwezigheid. De zwart‑gele leeuwenvlag reserveerden de Vlamingen in beperkte kring voor de geregelde samenkomsten van de VVK, de Vlaamse Vriendenkring. De blauwe vlag met gouden ster van de vroeger Onafhankelijke Kongostaat was steeds in eer gehouden, maar toch nooit meer dan met mondjesmaat vertoond. Het nu weer massale vertoon van de Belgische vlag moest "een hart onder de riem" zijn voor de Belgen ter plaatse. Die zagen de onafhankelijkheid van het land tegemoet met een klein hartje. Naar de mening van Kongolezen zag de nieuwe vlag met haar gouden ster op blauw veld, vergezeld van zes satellieten naar de zes geconfedereerde provinciën, er toch maar dof uit. Overigens was dit embleem nog sterk met het verleden verbonden. Reacties op het vlagvertoon bleven al onder de feesten niet uit: hier en daar verdwenen Belgische vlaggen, enkele werden stiekem halfstok gehangen, of gewoon rond de vlaggenmast geknoopt. Kort daarop zouden ze allemaal verdwijnen.

Ondertussen doorkruisten lange slierten zwarte limousines de stad met genodigde prominenten, onder militaire escorte met loeiende sirene. Ik stond langs de Albert I‑boulevard tussen een massa zwarten en blanken bij de aankomst van koning Boudewijn, uitgedost in zijn parade-uniform. Hij was zichtbaar geschrokken door de herrie, toen enkele minuten voordien een zwarte zijn degen gestolen had uit de open wagen. De dader werd onmiddellijk overmeesterd, als zwakzinnig bestempeld en het incident snel vergeten. Een onvergetelijk vuurwerk werd afgeschoten tegen de donkere tropennacht om de onafhankelijkheidsfeesten te bezegelen.

De scherpe aanval op de Belgische kolonisatie en het werk van Leopold II, in de rede van eerste minister Lumumba in het bijzijn van de voltallige Kongolese regering en van koning Boudewijn met zijn gevolg, kwam als een verrassing en bleef hard nazinderen. Ik had de krasse uitspraak gevolgd op de radio, zoals al mijn collega's. Het nonchalante terugkrabbelen van Lumumba dat erop volgde, wat de koning deed afzien van een onmiddellijk vertrek, stelde weinigen gerust. Ik trachtte mijzelf te sussen. Ik veronderstelde dat het ging om een ondoordachte uitspraak van een onvolwassen politicus en dat men daar misschien niet al te zwaar moest aan tillen. De eerste dagen van juli bleven echter vol spanning en alle Belgen in de administratie wachtten hun verdere lot af. Om beurten werden de verschillende diensten van de provincie bij hun respectievelijke minister geroepen. Omdat de Omdat hun aanwezigheid de komende jaren noodzakelijk was, maakten de leden van de technische diensten zich weinig zorgen over hun toekomst. Wat de meesten dachten werd ook vlug werkelijkheid: diensten zoals "openbaar ambt", "arbeid", "justitie", "kadaster", enz, zouden bijna onmiddellijk totaal geafrikaniseerd worden. Hun Belgische ambtenaren konden ophoepelen. Deze hoopten op vlugge en automatische integratie in de Belgische administratie, wat in de meeste gevallen een desillusie zou worden. Sommigen namen het onvermijdelijk vertrek goed op. Anderen waren onverschillig of triest gestemd, al was het maar om het gedwongen overschakelen van het tropische klimaat naar het koude, vochtige noorden. Het viel mij zwaar. Ik voelde mij wat verweesd toen ik het imminente afscheid vernam van mensen waar ik veel mee had samengewerkt.

Voor mijzelf begon ik mij dan toch ook af te vragen wat de toekomst zou brengen. Ik nam polshoogte bij een collega die onlangs naar het centraalgouvernement gepromoveerd was. Ook daar was alles in afwachting. Hij had nog zijn gezin in Leopoldstad, in tegenstelling tot veel andere collega's. Hij kon een normaler leven leiden dan ik, die er in die drukke en spannende dagen op mijn eentje wat onwezenlijk bij liep. Op de landbouwdienst van het centraalgouvernement, nu ministerie genoemd, werd Pierre Lebughe, de pas afgestudeerde en eerste Kongolese landbouwkundig ingenieur, directeur‑generaal. Ondertussen zou de voormalige Belgische directeur-generaal zijn intrek nemen in de Belgische ambassade in een op te richten cel voor de coördinatie van de Belgische hulp aan de landbouw van de nieuwe staat. Het zou een functie zijn waar de Belgen dachten op te kunnen steunen bij de uitvoering van hun samenwerking met de Kongolezen. In mijn provincie had ik gouverneur Bomans definitief zien vertrekken. Met de onafhankelijkheid had ook gouverneur‑generaal Cornelis het land verlaten met de "Kongo‑boot" uit Matadi. Alle vreemde landen zetten hun consulaten uit de koloniale tijd om in ambassades. En het consulaat van Zuid‑Afrika sloot zijn deuren. Ik nam alles als een voldongen feit. Ik realiseerde mij dat wat vroeger had vastgestaan nu plots op losse schroeven stond. .......

lees verder blz 2

© Valere Deceuninck - Brugge, 20/03/2006

<< terug volgende >>

About Us | Site Map | Privacy Policy | Contact Us | ©2001-2012 Congo-1960