SiteLock
Livre du mois Le Petit futé Kinshasa 14,95 € Communiqué de presseGuide Kinshasa 2017 (petit futé)Neocity
Boek van de maand Zoon in Congo 15% korting + gratis verzending Zoon in Congo Lanoo Uitgeverij
   Webmasters Delcol Martine Eddy Van Zaelen De webmaster Delcol MartineEddy Van Zaelen
  Helpt U mee en stuur je ons uw boeken in ruil voor een publicatie op de site  Sponsor Site
Kasai Rencontre avec le roi des Lele Kasaï , rencontre avec le roi Prix exclusif Grâce a Congo-1960 Sans limite de temps 29.80 € frais de port inclus  -Editeur Husson
L'état indépendant du congo a la recherche de la vérité historiquecongo 1957-1966 TémoignageLes chemins du congoTussen vonk en omroep , draadloze communicatie in België en CongoLeodine of the belgian CongoLes éxilés d'IsangiGuide Congo (Le petit futé)Congo Ya Kalakala, avec mes remerciements a Mr Paul DaelmanCongo L'autre histoire, avec mes remerciements a Charles LéonardL'Héritage des Banoko , avec mes remerciements a Mr. Pierre Van BostL'année du Dragon avec mes remerciements a Mr Eddy Hoedt et Mr Peeters Baudoin

Rubriek : Documenten

Help je mee ? Stuur ons uw document naar : info@Congo-1960.beDocumenten congo 1960

Documenten in huis ?

Een beetje geschiedenis ?

Een beetje informatie over Belgisch Congo ?

Uw analyse of uw thesis hier

 

Veel is er geschreven over de kolonisaties en de kolonialen. Dit interesseert ons natuurlijk omdat we er geleefd hebben, (je kwam hier niet toevallig binnen vermoed ik). Maar ook omdat we een zeker belang moeten hechten aan wat de gesprekspartners die wij ontmoeten over dit onderwerp kunnen denken en die het koloniale Afrika niet gekend hebben. Aan deze vragen wij de Aktie van kolonialen niet te beoordelen op basis van simplistische antikoloniale slogans verspreid door mensen die gewoonlijk niets van de werkelijkheid van het koloniale tijdperk gekend hebben, maar te oordelen volgens nauwkeurige elementen.

Terwijl de beschavingen van de Azteken en de Inca's ineenstorten , de edele metalen uit Amerika, de specerijen en de zijden uit het oosten het fortuin van Europa bouwen en de praal en de luister van de Renaissance financiëren zal het vraagstuk van het moreel fundament van de kolonisatie, dat in de oudheid nooit ter sprake was gekomen, verder het onderwerp van de debatten onder de beste geesten uitmaken. Tegenover de barbaren van de spaanse jezuëten en Dominikanen, die men moet bekren , vindt men weldra een Frankrijk de "goede wilde" van Ronsard, en het "pas geboren kind" (bedoeld 'aan de beschavingen') van Rabelais die men moet "wiegen, opvoeden, en geruststellen" eerder dan hem te veroveren en , in gEngeland , de "Utopiërs" van Thomas Moore en Fracis Bacon modellen naar dewlke wale mensen moeten gebracht worden.

rubriek documenten congo  1960 te volgenuw analyse, thesis of scriptie over Belgisch Congo hier ?

neem contact met ons

 

Een brok geschiedenis : Het koloniaal verleden van België en de periode die kort daarop volgde, beroert heel wat mensen.  Vooral wat er gebeurd is met de Belgische kolonialen na de Congolese onafhankelijkheid op 30 juni 1960 blijft een duistere plek in het historische geheugen.  Eén zaak is duidelijk: het was zoals steeds het geval is in een land dat een stevig centraal gezag mist en bijna op de rand van een burgeroorlog leeft: gewone mensen zijn het slachtoffer.  Daar kwam nog bij dat door de onafhankelijkheid een aantal Congolezen zich specifiek tegen de nog achtergebleven Belgen richtten.  De kranten uit die tijd spreken voor zich: moordpartijen, groepsverkrachtingen, beroving en plundering vielen hen ten deel. De Belgische regering nam het initiatief een onderzoekscommissie op te richten om getuigenissen over het geweld tegen de Belgische kolonialen in te zamelen.  Dit gebeurde door het K.B. van 16 juli 1960 tot oprichting van een Commissie belast met het instellen van een onderzoek over de aanslagen op personen bedreven in de Republiek Congo.  Deze Commissie werd voorgezeten door Pedro Delahaye, raadsheer van het Hof van Cassatie (art. 3).  Ze bestond uit vijf leden en kende drie plaatsvervangende leden, raadsheren van het hof van beroep, aangeduid door de Minister van Justitie.  Na enkele weken werd er binnen deze commissie een speciale, goed uitgeruste onderzoekscel opgericht die zich uitsluitend zou bezighouden met getuigenissen van vrouwen.  Deze cel werd geleid door Eliane Liekendael.  Nauwelijks twee weken na haar oprichting had de Commissie reeds duizend getuigenissen verzameld.  Uiteindelijk zouden dat er 26.000 worden.  Aan de Belgen die voor de commissie getuigden, was geheimhouding verzekerd.

Begonnen met de bijna gelijktijdige ontdekking van Amerika (1492) en de scheepvaartkoers naar de Indies (1497), heeft de Europese overheersing amper 5 eeuwen geduurd; minder dan een tiende der historische tijden en minder dan een duizendste van het verleden van de mens. Kort, in verhouding tot de tijd, heeft ze echter door haar geografische spreiding over de gehele planeet het meest universele fenomeen van de geschiedenis van de mensheid uitgemaakt. Straling naar wijd en zijd, daarna snel verval, zo heeft de Europese kolonisatie de kenmerken gehad van een ontploffing. Ontploffing die veel schade zou veroorzaakt  hebben: Uitroeiing van de bevolking van Mexico en van Zuid-Amerika door de Spaanse conquistadores, uitstreving van de inboorlingen van Australië, indiaanse oorlogen en parkering van de overlevenden in de reserve van Noord-Amerika, geforceerde invoering van opium in China en alcohol praktisch overal, oorlogen en veroveringen in Afrika en in centraal Azië, slavenhandel, enz..

Wij werden - na de oorlog einde 1948 ter beschikking gesteld van het toenmalig ministerie van Koloniën en vertrokken in januari 1949 'toen reeds bijna drie jaar gehuwd en met één kind - naar Congo, waar wij met onze familie (er kwamen daar nog twee kinderen bij) tot in juli 1960 verbleven. Bijna twaalf jaar dus. Het is dan ook deze periode, de naoorlogse jaren tot aan de onafhankelijkheid in 1960, die ik in dit artikel, en volledig getoetst aan eigen ervaring ter plaatse, zowel in de brousse, in de kleine post als in de grootstad zal trachten te behandelen. Dit vanuit mijn visie en optiek dan natuurlijk, die niet noodzakelijk deze van alle oud-kol-onialen zal zijn.

Geschiedenis : Tienenaars in Congo vertaald in het frans

Pour bien comprendre l’état des esprits de cette époque, il faut faire un bref retour en arrière dans l’histoire du Royaume de Belgique. Les vingt cinq premières années de l’indépendance furent très éprouvantes. Sur une population de quatre millions d’habitants en 1834, il y a presque un million d’indigents. En 1845, une crise industrielle et une crise agricole très graves éprouvent davantage le jeune pays. Les régions agricoles des deux Flandres sont les plus touchées et on meurt là-bas de la famine et du typhus comme on meurt  en Ethiopie ou au Bahr El Ghazal aujourd’hui ! C’est également une époque fertile en grandes réflexions sociales notamment le Saint Simonisme et le Phalanstérisme dont s’inspire fortement la jeunesse libérale radicale

“Congolezen kregen de gronden van hun voorouders met de opdracht om zo veel mogelijk nazaten op de wereld te zetten die ervan genieten,” zegt Zana Etambala, docent aan de Faculteit Sociale Wetenschappen. “Dat gegeven is belangrijk om te begrijpen wat in de periode 1958-60 gebeurde. Hij schreef er een boek over, De teloorgang van een modelkolonie. Belgisch Congo (1958-1960).

“Die heiligheid van de grond is absoluut. Ik realiseerde me dat pas echt, toen ik analyseerde wat er aan het einde van de negentiende eeuw gebeurd was. Vanaf 1885 had het regime van Leopold II de bevolking van bijna alle gronden beroofd. En dat heeft hen veel dieper gekwetst dan de slachtoffers, en de praktijken op de rubberplantages. Wat was dus de eerste zorg van de Congolezen in 1960? Hun gronden terugpakken. Ze grepen gewoon terug naar de situatie van 75 jaar vroeger.” In zijn vierde grote studie en het vervolg op Congo ‘55-’65, van koning Boudewijn tot president Mobutu focust Etambala vooral op wat zich vijftig jaar geleden afspeelde in de aanloop naar de onafhankelijkheidsverklaring: “Tien jaar geleden was ik de eerste die intensief gebruik maakte van ecclesiastische bronnen. Voor dit boek kreeg ik de toelating om de archieven van de Scheutisten en Jezuïeten in Heverlee en Kinshasa te doorzoeken. Daarbij zitten ook veel brieven van gewone Congolezen, en pamfletten.

Opgegroeid in België ( 1929-1947 ) Jean Schramme werd geboren te Brugge op 5 maart 1929 uit het huwelijk van Joseph Schramme en Anna Dassonville, wiens huis gevestigd was in de Hoogstraat nr . 20. Jean was de jongste uit een gezin van vier kinderen.l Zijn zus Johanne trouwde later met een Franse magistraat, zijn twee broers Raymond en Pierre werden respectieveiijk advocaat en arts

" Ik groeide op als een klnd van de hoge Vlaamse burgerij waar het bon ton was om zich in de Franse taal uit te drukken en voor wie het patriottisme gelijkstond aan de persoon van de Koning...ln mijn familie, die vele dienaren van de wet telde, waren woorden zoals recht en justitie meer dan alleen maar woorden. Het waren redenen om voor te leven en te sterven." (zie boek le bataillon léopard , Souvenir d'un Africain Blanc. "

 

  In mijn zoektocht naar de implicaties die het koloniaal bezit had voor het losbreken van de tweede wereldoorlog, heb ik gemerkt dat er geen echte koloniale buitenlandse politiek is. Naar goede gewoonte hield men zich bezig met de ontwikkeling van de economische en industriële capaciteiten van de kolonie. In deze context werd het duidelijk dat men een politiek voerde waarbij men de problemen oplost wanneer deze zich voorstellen. De woelige tijden die de tweede wereldoorlog voorafgingen zouden de ministeries die verantwoordelijk waren voor het buitenlandse beleid van de kolonie voorzien van voldoende problemen. ....

Vertrekkend vanuit Faradje, vorderde de kolonne langzaam over de brug van de Dungu, in de richting van Juba, via Aba. Een in de nabijgelegen broesse verscholen waarnemer had op het portier van de vrachtwagens de namen kunnen lezen van menige firmas uit Belgisch Congo die nog niet door de camouflage uitgewist waren, en die op deze wijze een materiële bijdrage leverden aan de Zaak van de vrije wereld. Het eerste treffen van de BCS 2, dat ook zijn eerste overwinning zou worden, besloot op 11 maart 1941 met de inname van ASOSA, ook genoemd BARI-KOSSA. Precies dit wapenfeit, waarvan de eer geheel toekomt aan één enkel Belgisch-Congolees bataljon, bijgestaan door 500 dragers, zou ik hier opnieuw voor de geest wil roepen. De 7de maart 1941 namen onze troepen stelling aan de Ethiopische grens, op de flanken van de Djebel Belatoma.

De Duitser Frobenius, een van de grootste Afrikakenners van de vorige eeuw, beschreef de verbazing van de Europeanen die de eeuwenoude steden in de grote Afrikaanse - machtige keizers - welvarende industrieën - Tot in merg en been beschaafd! - In Congo waren er vroeger verschillende koninkrijken. Het eerste bekende was het Congorijk (tussen 1250 en 1650) gelegen aan de monding van de Congostroom. Later zijn er andere volkeren uit het huidige Congo groot en invloedrijk geworden: in het zuiden vooral de Luba en de Lunda. In het noorden had je o.a. de Azande en de Mangbetu. Heel centraal kwam het koninkrijk van de Kuba tot een hoge bloei. Al deze volken muntten uit door kunst en cultuur. Ze dankten hun invloed ook aan een goede organisatie.

“De paters van Scheut in Kasaï hadden dat als een van de eersten door. Ze schreven al vroeg: ‘geef ze in godsnaam hun gronden terug’. Maar het gebeurde niet. In de week van 4 januari 1959 brak dan de opstand uit. Iedereen verloor de controle. Alle vertrouwen was zoek. In mei 1955 kon Koning Boudewijn nog wel een triomfreis maken, maar in december 1959 werkte ‘de koning als paardenmiddel’ al niet meer. De blanken bleven achter met één doel voor ogen: de eindstreep van 30 juni 1960 halen.” Welke lessen trekt Zana Etambala als historicus uit de Congolese geschiedenis? “Europese landen nemen allerlei initiatieven die Afrikaanse landen ten goede moeten komen. Maar ze gaan beter eerst ter plaatse kijken om uit te zoeken welke sociale, economische, politieke en religieuze dynamieken er nu leven. Met welke krachten willen de Afrikaanse landen tot verandering komen? Die moet je een kans geven. Helaas bouwde Europa tot nu toe met al zijn goede intenties niet altijd mee aan de uitbouw en versterking van de meest dynamische lokale maatschappijen. De volksdynamiek in Afrika wordt nog niet op een verstandige, aanvaardbare manier gekanaliseerd. En precies dat ligt aan de basis van zoveel frustraties en gewelduitbarstingen in een aantal landen.”

Congo was Belgisch van 1908 tot 1960, België verkreeg de voogdij over Rwanda-Urundi na de eerste Wereldoorlog; de beide landen werden onafhankelijk in 1962. Officieel was het taalgebruik in Belgisch Afrika vrij, maar in werkelijkheid was het Frans er de facto de officiële taal. Er bestaan geen taalgrens en geen taalrollen in de Belgische kolonie en mandaatgebieden en dus bestaan er daar officieel ook geen Franstaligen of Nederlandstaligen, Brusselaars, Walen of Vlamingen. Toch zijn Vlamingen ervan overtuigd dat zij in Belgisch Afrika, zoals in België zelf, in de meerderheid zijn. Naar het einde van de koloniale periode toe wordt het aantal Vlamingen in Congo geschat op zo'n 50.000 van de 80.000 Belgen, tegenover een Congolese populatie van zo'n 13 miljoen. 70% van de Belgische inwoners van Leopoldstad, 50% van alle kolonisten (zelfstandigen), 70% van alle koloniale ambtenaren en 80 tot 90% van alle missionarissen in de hele kolonie zouden Vlaams geweest zijn. Of liever gezegd, Nederlandstalig. Nogal wat leden van de bourgeoisie in Vlaanderen waren immers Franstalig; en, zoals uit een aantal getuigenissen zal blijken, verfransten sommige Vlamingen in Belgisch Afrika om hun sociale positie te verbeteren.

 

Congo was in 1960 ijzersterk, een gidsland. Vandaag is het kapot. Zaten de kiemen van de catastrofe voorgeprogrammeerd in de koloniale jaren? En waarom waren de tien topjaren van Mobutu (1965-1974) zo opvallend gelijklopend met het laatste decennium van Belgisch Congo? "De uitrusting staat klaar," stond er als laatste zinnetje in het brochuurtje Dertien miljoen Congolezen van Infor Congo. Het werd door het officiële voorlichtingsinstituut als afscheidsgroet gepubliceerd aan de vooravond van Dipenda!, de onafhankelijkheid van de Belgische kolonie op 30 juni 1960. Er werd trots teruggeblikt op een groots verleden, waarin "België er zich op toelegde Congo voor te bereiden op de rol die het in de wereld van morgen zal moeten spelen." Het boekje was gedrukt en uitgegeven in Brussel, wat wellicht de gezwollen retoriek verklaart, zonder voeling met wat zich voltrok op het terrein. Ook professor Louis Baeck (emeritus KU Leuven), die onderzoeker was bij het prestigieuze Instituut voor Wetenschappelijk Onderzoek in Centraal-Afrika, herinnert zich hoe de koloniale ambtenarij nauwelijks interesse toonde voor zijn onderzoeksresultaten naar de lage koopkracht van de inlandse bevolking: "Die belangstelling was er wel bij Union Minière en de plaatselijke kamers van koophandel." Union Minière was toen de zesde mijngroep in de wereld, bemand met brains en visie. De privé-sector had gedurfde industriële plannen en deelde de overtuiging dat er inderdaad werd gewerkt aan een ambitieus project _ Belgisch Congo was een modelkolonie, deed het ánders dan de overige kolonisatoren.

De onafhankelijkheid van Congo betekent de bekroning van het werk dat door het genie van koning Leopold II ontworpen is, aangevat door hem met volhardende moed en met overtuiging verder gezet door België. Zij markeert een beslissend moment in de bestemming van niet alleen Congo zelf, maar - ik aarzel niet om het te beklemtonen - van gans Afrika.

Gedurende 80 jaar heeft België de beste van zijn zonen naar uw land gestuurd, eerst om het Congobekken te bevrijden van de afschuwelijke slavenhandel die uw bevolkingen uitdunde, later om de verschillende volkeren - die vroeger vijanden waren - dichter bij elkaar te brengen en zich voor te bereiden om samen de grootste van de onafhankelijke Afrikaanse staten te vormen; tenslotte om een gelukkiger leven te brengen aan de verschillende streken van Congo die U hier vertegenwoordigt in eenzelfde parlement.

Op dit historisch moment, moet onze gedachte uitgaan naar de pioniers van de ontvoogding van Afrika, en naar hen die na hun, van Congo gemaakt hebben wat het vandaag is. Zij verdienen evenzeer onze bewondering en uw erkentelijkheid, want het zijn zij geweest, die door hun beste krachten en zelfs hun leven te offeren aan een groot ideaal, u de vrede gebracht hebben en uw morele en materiele bezit hebben verrijkt. Zij mogen nooit vergeten worden, noch door België, noch door Congo. .....